Buitenwater protocol

Een flink aantal zwemleden zwemt de laatste jaren vanaf mei/juni regelmatig in het Wolderwijd. Dat is een logische voorbereiding op de deelname aan triathlon- of buitenwaterevenementen. Dit zijn doorgaans particuliere initiatieven en derhalve geen verenigingsactiviteiten. 

De trainingscommissie heeft het onderstaande buitenwaterprotocol opgesteld om de veiligheid van de zwemmers te bevorderen.

 

  • Informatie over de locatie
    • Zorg dat je voorinformatie hebt over het water waar je in traint
    • In het Wolderwijd of bij Camping De Parel aan de Groenewoudseweg hebben we geen last van getijden of andere stroming. Wel is het belangrijk om te weten hoe diep het ongeveer is waar je gaat zwemmen.
  • Toezicht
    • Zorg dat er iemand op de kant blijft. Deze toezichthouder kan in geval van nood hulp inroepen. In het ideale geval begeleidt iemand de zwemmers met een roeibootje of kano.
    • Meld je bij de toezichthouder af als je het water uitgaat om welke reden dan ook.
  • Het zwemmen
    • Zwem nóóit alleen. Zwem altijd met minimaal 1 zwemmaat.
    • Maak bij voorkeur gebruik van een swimsafe: een goed zichtbare boei welke aan de middel te bevestigen is.
    • Koppel steeds twee gelijkwaardige zwemmers aan elkaar. Deze blijven de hele training bij elkaar (naast elkaar) en houden elkaar voortdurend in de gaten. Ze wachten ook op elkaar wanneer er gerust moet worden. Achter elkaar aan zwemmen is niet voldoende!
    • Draag een opvallende kleur badmuts eventueel met nummer (noteer deze bij de persoon op de kant).
    • Houd het zwemgebied beperkt zodat je overzicht houdt. Zwem heen en weer langs de dijk of kust of binnen een vast afgesproken gebied. Zwem steeds 5 tot 8 minuten en keer dan. Zo komt iedereen weer bij elkaar en botsen de zwemmers niet tegen elkaar op. Rondjes zwemmen geeft minder botsgevaar.
    • Verzamel na een afgesproken tijd en tel dan weer de koppen. Mogelijke ruil van zwempartner kan dan plaatsvinden.
  • Onderkoeling
    • Let op de onderkoelingsverschijnselen! Deze zijn te herkennen aan:
      1. hevig bibberen, erg koud hebben, koude bleke huid, gevoelloze vingers en tenen, langzaam praten en langzaam denken (geen rekensommen kunnen oplossen), snel ademen met hoge hartslag.  
      2. Onverschilligheid en desoriëntatie zijn verschijnselen van een ver gevorderd stadium van onderkoeling.  
    • Zorg voor aluminium dekens op de kant. (Gooi standaard een aluminium thermodeken in je zwemtas, dan hoef je er daarna nooit meer aan te denken)
  • Na het zwemmen
    • Zorg dat je droge warme kleding hebt als je het water uit komt.
    • Ga niet direct warm douchen (veroorzaakt shock).
    • Pas op met de verwarming hoog zetten in de auto!
  • Aanvulling voor het zwemmen in de zee
    • Bij zwemmen in zee is het beste om onder toeziend oog van de reddingsbrigade te zwemmen. Je moet je wel melden en vraag dan meteen naar de stromingsrichting van het tij en wanneer het keert. Begin tegen het tij in te zwemmen. Het tij kan wel eens sneller zijn dan je tegenop kan zwemmen…. dan ben je in 5 minuten zwemmen ineens ver van “huis”.

    Onderling zullen we dit protocol in de praktijk moeten brengen en waar nodig elkaar daar op aan moeten spreken. We hopen dat er nooit iemand in moeilijkheden komt, maar als het toch gebeurt dan helpt dit protocol de veiligheid te bevorderen.
Zwemmen overzicht